Bibbers
Bibbersenzo
 
groen
Vertellen

Het is ook goed om het aan anderen te vertellen. Dan snappen ze in elk geval waarom je wat langzamer bent. Of waarom je sommige dingen eng vindt om te doen.

In elk geval is het niet omdat het gek is. Er zijn veel andere kinderen die het hebben. Net als veel grote mensen.

Misschien kunnen ze je wel helpen door te zeggen:“Eén keer over de drempel stappen is genoeg hoor.”
En als je daardoor toch aan enge dingen moet denken kunnen ze zeggen: “Trek je maar niks van je gedachten aan. Het is niet waar.”

groen
Extra hulp

Soms kun je het niet alleen. Dan kun je les krijgen van iemand die er voor geleerd heeft. Bibber vertelt je hoe dat gaat op de pagina Extra hulp.

wit
Leren stoppen met dingen doen

 

Er zijn veel kinderen en ook grote mensen die last hebben van vervelende doe-dingen waarmee ze niet kunnen stoppen. Gelukkig kun je hier wat aan doen. Soms kun je het zelf.

wit
Oefenen

 

Je kan goed oefenen om die doe-dingen minder vaak te doen. Dat gaat het beste in kleine stapjes.
Hier geef ik een paar voorbeelden van hoe je kan oefenen.
Als je bijvoorbeeld rondjes van letters moet inkleuren:

  1. Begin met één letter niet te doen. Of je doet één letter wel en één letter niet.
  2. Als dat lukt probeer je meer letters niet in te kleuren.
  3. Lukt het je om een stukje gewoon te schrijven? Zeg dan tegen jezelf: “Dát heb ik goed gedaan!”

Als je bijvoorbeeld bomen op weg naar school moet aantikken:

  1. Begin met iets makkelijks. Bijvoorbeeld maar 2 keer een boom aanraken in plaats van 4 keer. Je zult merken dat er niks erg gebeurt.
  2. Als je het met 2 keer kunt dan raak je de boom nog maar 1 keer aan.
  3. En als dat lukt sla je steeds een boom over.
  4. Als het goed gaat hoef je misschien helemaal geen boom meer aan te raken. Of alleen als je verstoppertje speelt. Maar dan is het heel gewoon. Dan doet iedereen het.
blauw
Extra tips en oefeningen
groen
Het hoeft helemaal niet

Zeg tegen je zelf dat je de dingen helemaal niet hoeft te doen. Bijvoorbeeld:

“Ik hoef niet tien keer het licht aan en uit te doen. Er gebeurt niks ergs.”
“Als ik niet op de stoeprand stap hoef ik het niet over te doen. Het is helemaal niet erg”.









En één keertje extra kijken of de computer uitstaat geeft niks. Maar je hoeft het echt geen tien keer te doen. Zeg dan:



 
 “Ik heb het echt goed nagekeken. Ik kan dat prima!”

wit
 
ADFdisclaimer