Sommige kinderen en grote mensen denken vaak aan iets engs. Het lijkt dan wel of ze er niet mee kunnen stoppen. Natuurlijk proberen ze ergens anders aan te denken. Maar soms lukt dat niet goed. De enge gedachte komt steeds weer terug.
Sommige kinderen moeten bijvoorbeeld steeds denken aan een brand of een ongeluk. Of ze denken steeds: “Straks maak ik iemand ziek”. Of “Misschien is de juf boos op mij”.